Dromen als basis van ons bewustzijn
Door Ronaldpino nieuw sinds 6 maanden (ekudosverwijzingen.blogspot.com)
(Het artikel staat in Zeit en dat wwww adres wordt niet door ekudos ondersteunt vandaar de omweg.)
Breitvik en de zin van onschuldig doden
Door Ronaldpino populair sinds 6 maanden
Maar hoeveel schietincidenten hebben we inmiddels achter de rug? Als we ieder schietincident nemen zoals hij is dus het niet gaan vergoelijken door te zeggen dat het om terrorisme, oorlog, incident in de relationele sfeer of gekte gaat dan wordt het pas echt raar of griezelig. Gezien vanuit de doden doen de alibi’s of verklarende theorieën er niet veel toe. De slachtoffers van 9/11 en de onschuldigen die dagelijks in oorlogsgebieden ten offer vallen aan terreur en de oorlog tegen terreur zal het een zorg zijn welke partij er schuldig is aan hun sterven. Als we de slachtoffers echt als echte slachtoffers zien – dus dood is dood – dan geloof ik niet in een toevalsverschijnsel. Een toeval met een frequentie van enige keren per jaar en in toenemende mate voorkomend kan ik als coïncidentie niet betrouwbaar noemen. (In ronaldpino.blogspot heb ik een tamelijk volledige opsomming geprobeerd te geven.) Ik ga niet uit van een toevallige samenloop van omstandigheden. Wie daarvan wel overtuigd is moet maar het bewijs leveren dat het wel degelijk om toeval gaat. Kunnen we samen lachen; eindelijk iemand die het bewijs levert dat toeval bestaat. (Alvast dit: als je de voorwaarden kent waardoor er toeval moet bestaan dan zijn er voorwaarden en dus gaat het niet om toeval)
Geen toeval! Maar wat dan wel? Ik zou mijn aas op tafel moeten gooien en schrijven ‘een morfogenetische wolk’ maar wie kent dat door Rupert Sheldrake ontwikkelde begrip nog? Ik houd het heel eenvoudig. Het gaat om een natuurlijk verschijnsel. En omdat het de natuur betreft om het herstel van de natuurlijke toestand. Want de natuur herstelt zichzelf. Er zijn een paar uitzonderingen bekend maar die betreffen altijd door de mens veroorzaakte verschijnselen. Het paard is daar een voorbeeld van. De pony is nog enigszins een natuurlijk verschijnsel maar de paarden die in stallen en in het wild voorkomen zijn allen gefokt en voortgeteeld..
Terug naar de opgefokte mensheid. De schietincidenten zijn het gevolg van een natuurlijke correctie op ons dagelijks gedrag. Ons natuurlijke gedrag behoort vreedzaam te zijn aangezien mensen niet met hoorns, slagtanden, klauwen en een vacht of schild geboren worden. Mensen zijn extreem kwetsbaar. Ingesteld op vrede en liefde in de omgang. Toch schiet hij regelmatig als een gek in het rond. Want kan daar het natuurlijke gevolg van zijn?
Laten we eens doordenken hoe het zal zijn als het zo gevaarlijk wordt dat niemand meer op straat durft te komen want je wordt geheid neergeschoten. Of je wordt per ongeluk geraakt door friendly fire van in een dialoog verwikkelde Wildersvolgelingen en fundamentalistische andersdenkenden. (Heb ik het zo vreedzaam genoeg gesteld?)
Als het niet eerder anders kan, durft over een jaar of vijftig geen mens meer over straat tenzij bewaakt door in tanks patrouillerende buurtpolitie. De rest van de tijd zit je thuis achter gepantserde ramen. Wat doet de mens met zijn tijd en zichzelf als het zover is?
Dan beseft hij dat niemand te vertrouwen is. Dat hij er helemaal en absoluut alleen voor staat. Dan moet hij gaan mediteren op zichzelf en in zijn eenzame verdriet op zoek gaan naar een God in zichzelf. Dan ontwikkelt hij een eigen intieme spiritualiteit. Dan wordt hij vreedzaam – zo niet gaat hij naar buiten en wordt neergeschoten. Als het geweld blijft aangroeien zal over minder dan 100 jaar de mensheid noodgedwongen tot het inzicht komen dat geweld niet bij zijn leven hoort. Nog een 100 jaar later ontdekt hij dat naastenliefde de basis is voor een menswaardig bestaan.
Breivik is uiteraard niet normaal. Maar voor een gek is hij te doordacht bezig geweest. Hij is een pion in een proces van genezing van de mensheid die nu overal op aarde oorlog voert of zinloos geweld gebruikt. Alleen slachtoffers hoeven niet meer na te denken en bij de pakken neer te zitten.
De vrede in de samenleving begint waar jij bent. Schrijf brieven aan ieder op aarde die de samenleving in gevaar brengt.
Open brief aan de heer M. Verhagen,
Door Ronaldpino populair sinds over 2 jaren
Minister van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden.
Zeer geachte heer Verhagen,
Het is nationaal en internationaal bekend dat u in het conflict tussen Israël en Palestina bij voorkeur de kant van Israël kiest. Dat is uw bewuste keuze en als zodanig dient die gerespecteerd te worden. Naar ik mag aannemen zal uw partijdigheid niet zo ver gaan dat het omslaat in blinde voorkeur. Partijdigheid kan het begin zijn van blinde voorkeur en als zodanig is partijdigheid het begin van onrecht en dictatuur. In ons democratisch staatsbestel zijn voldoende waarborgen voorhanden om een staatsman ervan te weerhouden zich dictatoriaal te gedragen. Wij mogen ons gelukkig prijzen met ons staatsbestel. Wij mogen ons gelukkig prijzen met het aanzien dat Nederland in de wereld geniet.
U, mijnheer Verhagen, als Minister van Buitenlandse Zaken vervult een vooraanstaande plaats in het uitdragen van de invloed die Nederland op de wereldpolitiek kan uitoefenen. Als lid van het CDA draagt u ook verantwoordelijkheid voor het bijbelse appèl dat van die partij uitgaat. Geloven in een God impliceert te leven met de gedachte dat God de schepper is van dit heelal en alles wat daarin leeft. Toen God de schepping begon was er nog niets. Voor het menselijke verstand betekent dat dat toen God de schepping begon God niets anders dan zichzelf ter beschikking had. Dus is de schepping ontstaan uit datgene waaruit God zelf bestaat. Als ik dat goddelijke materie mag noemen dan is dus iedere mens ontstaan uit dezelfde goddelijke materie. Hoewel mensen uit dezelfde goddelijke materie zijn ontstaan, verschillen zij toch onderling. Ik voor mij schrijf dat toe aan de vrijheid die mensen in hun goddelijk vormende materie hebben meegekregen.
De behoefte aan vrijheid blijkt in alle mensen voor te komen. Respect voor vrijheid heerst niet overal op aarde evenveel. Dat moet dus kennelijk aangeleerd worden en bijgebracht worden. Nederlandse troepen vechten voor de vrijheid en sommigen sneuvelen daarbij. Het kan niet zo zijn dan u het goedkeurt dat enerzijds Nederlandse troepen vechten voor recht en vrijheid en anderzijds dat u onrecht en onvrijheid tolereert.
Het Palestijnse volk wordt voedsel, medicijnen en de meest primaire behoeften om hun leven inhoud te geven ontzegd. Palestijnen die als alle mensen op aarde behoefte hebben aan vrijheid schijnen daar alleen voor te mogen sterven.
Israël kent zichzelf het door God gegeven recht toe om hun staat te vestigen. Het is moeilijk mensen die hun gelijk aan God ontlenen van gedachte te laten veranderen. Zij moeten daarvoor immers hun God gedeeltelijk corrigeren of ontkennen. Het moet mogelijk zijn niettemin Israël er op te wijzen dat het in het uitoefenen van zijn goddelijke recht onrechtvaardig is geworden jegens het Palestijnse volk. In de bijbel staan voldoende voorbeelden van profeten die waarschuwend optreden tegen de kinderen van Gods volk. Waarmee alleen gezegd wil worden dat correcties en corrigerende woorden kennelijk ook tegen Gods kinderen kunnen worden ingebracht. Het moet mogelijk zijn dat zieke Palestijnen medicijnen krijgen. Het moet mogelijk zijn dat voedsel en energie vrijuit het Palestijnse volk kan bereiken.
Ik doe een beroep op het gevoel van rechtvaardigheid dat ook in u aanwezig is om uw invloed aan te wenden ten dienste van de rechtvaardigheid. Het volk van Palestina wordt onrechtvaardig behandeld. Niemand zal in staat zijn dat onrecht op slag uit te bannen. Maar het moet mogelijk zijn een begin te maken. Een stem te verheffen. Zelfs al is het de stem van iemand die roept in de woestijn.
Indien uw God iets anders verwacht dan ik in deze brief aan u heb gevraagd dan bied ik u daarvoor mijn excuses aan.
Ronald Pino
Equdos - De privatisering van God (slot) en enkele nadere tips bij het vinden van je roeping
Door Ronaldpino populair sinds over 2 jaren
En ik kon niet verder. Tot een uur geleden. Eigenlijk is het stikeenvoudig: besef dat roepingen bestaan, vraag je af of je misschien een roeping hebt (controleer jezelf kritisch hoe je aan die gedachte bent gekomen en ga vooral niet zitten geloven) en de rest gaat vanzelf. Een appelboom hoeft ook nooit te vragen of hij gaat bloeien – nou ja misschien.
Maar dit artikel begon dus met een periode van leegte die vanaf half maart duurde.
Stilletjes hoopte ik op een toevallig teken. Wie mijn artikelen gevolgd heeft vanaf ‘Dromen zonder bedrog’ weet dat ik een heilig ontzag heb voor het onlogische, onvoorziene en altijd weer als een duveltje uit een doosje op je weg springende toeval. Dit keer kwam het toeval in de vorm van Herman Hesse’s roman De Steppewolf. Op pag 50-52 (uitgave 1977 De Bezige Bij Amsterdam) staat een niet mis te verstaan stuk over burgerdom en de veiligheid die het onopvallende ‘een van de vele burgers zijn’ je biedt. Wees gewaarschuwd: je roeping volgen betekent je nek uitsteken en vaak spot en beledigingen incasseren. En van schrijverswebben geweerd worden! Het liefst zouden je tegenstanders je willen kruisigen.
Met je roeping omgaan is spelen met vuur, want je roeping vinden betekent: ‘Hier ben ik’ zeggen tegen een hinderlijke stem die je aan het werk zet. Om het in afschuwelijk kerkelijk jargon te zeggen: God roept je nooit om ‘Ga maar zo door’ te zeggen. God zet je aan het werk om te waarschuwen of dwars te liggen. Maar als je het gevoel hebt niet alles uit je leven te halen of zelfs last denkt te hebben van depressies, dan is het goed om na te denken of je misschien een roeping moet volgen.
Er zijn wat simplistische trucs mogelijk.
De belangrijkste stap om te ontdekken wat je roeping is, is je afvragen welke gebeurtenis in je leven de eerste was waarbij je je hartstikke blij voelde. De allereerste gebeurtenis waarbij je enorm gelachen hebt of waar je voor het eerst je geweldig trots voelde, dat is de omstandigheid waarin je roeping verborgen zit. Het zal gaan om een kinderherinnering die je dus moet vertalen naar volwassen omstandigheden. Een jonge vrouw vertelde me dat ze als kind zich ooit intens fijn gevoeld had toen ze een verhaaltje mocht vertellen voor de klas. En de juf had goed zo gezegd. Daar was ze weken blij om geweest. Ze is onderwijzeres geworden, kreeg een burnout, schreef een boek en is nu schrijfster.
Een andere mogelijkheid voor het herkennen van je roeping is te vinden in een voorwerp (schilderij of ander kunstvoorwerp of een film of een verhaal of een roman) dat je op een bijzondere manier bijblijft.
Iemand liet mij tijdens een therapie een briefkaart zien en zei: ‘Het is belachelijk, maar deze ansichtkaart heb ik ooit ontvangen en ik kan hem haast niet zomaar wegzetten. Ik heb een speciaal contact met deze kaart. Toen ik het schilderij in werkelijkheid zag, moest ik huilen en ik weet niet waarom.’ Ik keek naar de kaart en deze stelde voor ‘De roeping van Mattheus’ geschilderd door Caravaggio. Ik zei: ‘Het kan niet anders of het gaat over iets in jou. Misschien dat je een roeping hebt.’ Mijn bezoeker keek me strak aan, zweeg heel lang en toen biggelden er grote tranen uit zijn ogen. ‘Ik heb ooit een roeping gehad’, zei hij. Pas veel later kwam het verhaal eruit. Hij was op het seminarium geweest, maar had zijn priesteropleiding onderbroken. Toen hij mij bezocht was hij de 40 gepasseerd en hij dacht in een midlifecrisis te zijn. Daarvoor zocht hij mijn hulp. Hij was een jaar tevoren gescheiden en voelde zich voortdurend leeg en uitgeput. Hij heeft zijn priesteropleiding weer opgenomen.
In november 1985 bevond ik me in een depressieve toestand. Toevallig kwamen we elkaar tegen. Met hem ging het goed en hij vroeg me hoe het met mij ging. ‘Niet zo best’, zei ik. ‘Ik twijfel wat aan mijn therapeut-zijn.’ Hij keek me bedenkelijk aan, legde zijn hand op mijn schouder en zei: ‘Ronald, hoe is het mogelijk. Heb je dan niet begrepen wat jouw roeping is? Mensen de ogen te openen voor hun roeping.’ Ik heb nog nooit zo’n snelle therapie meegemaakt. En ik was ook meteen psychotherapeut af. Ik schudde alles wat ik aan psychotherapeutische theorievorming had geleerd van me af. Als iemand bij me komt vraag ik steevast als de noodzakelijke inleidende praatjes achter de rug zijn: ‘Stel dat ik een tovenaar ben, wat zou je dan aan me vragen?’
Het hebben van een roeping is natuurlijk te herkennen in wat je goed kunt en wat je graag wilt. Maar niet minder belangrijk is herkennen waar je je diep aan ergert en proberen daar iets mee te doen. Denk erom, een roeping heeft nooit jou als onderwerp maar de mensen uit je omgeving. Het volgen van je roeping is iets waar anderen beter van worden.
Vorm jezelf een oordeel over deze tijd, bedenk wat je daaraan ten goede kunt doen, stel je een ideaal – een groot en langlopend ideaal - ga een studie of baan aan in de richting van je ideaal en leef. De rest doet Het Toeval met je!
Prettig toeval toegewenst!
Ronald Pino
Dit artikel is het laatste uit een reeks die begon met ‘Dromen zonder bedrog’.
Voor een eventuele nadere kennismaking met de auteur zie www.ronaldpino.blogspot.com
De privatisering van God (6)
Door Ronaldpino populair sinds over 2 jaren
Je roeping vinden betekent ervan uitgaan dat er zoiets als een roeping is. Iets zinvols dat jouw bestaan reliëf geeft. Gaat dat op voor alle mensen? Ik zou het niet weten. Het gaat in ieder geval op voor de mensen die mij in mijn praktijk bezochten en last hadden van vage gevoelens van onbehagen of zelfs van regelrechte wanen. Van die laatsten één voorbeeld.
Een jongeman van nog geen twintig bezocht mij, maar wilde alleen met mij praten als hij zijn identiteit geheim mocht houden. Ik ben een leerling van prof. dr. Jan van den Berg (de man van ‘Metabletica’) en die doceerde dat een cliënt zijn conflict met het leven in de eerste minuten van het contact openbaart, vooropgesteld dat je het wilt zien.
Dus flitste door mij heen dat bij mijn anonieme cliënt (we noemen hem X) een diepe angst om zijn identiteit te onthullen zijn probleem was of te maken had met de kern van zijn probleem. Hij durfde niet uit te komen voor zijn echte identiteit – misschien dus een werkelijkheid die hij niet eens van zichzelf kende. Hij kon dus niet leven met die werkelijkheid, ofwel hij was in conflict met zijn roeping.
X studeerde kunstgeschiedenis totdat een waan toesloeg. Dat bestond eruit dat hij ervan overtuigd was de nieuwe Messias te zijn die Israël zou moeten bevrijden. Dat kwam er niet zomaar uit tijdens het gesprek maar pas na veel zweten, zuchten en steunen. Dat het hem zoveel moeite kostte pleitte voor zijn geestelijk gezondheid; hij was niet zo waanzinnig dat hij er prat op was de Messias te zijn. Ik vond dat een hoopvol teken en zei hem plompverloren: ‘Dan moet u modern Hebreeuws leren spreken.’
Psychiaters, psychologen en maatschappelijk werkers hadden hem altijd tegengesproken. Hem geprobeerd aan het verstand te brengen dat er maar één Messias was en bla, bla , bla. Ik was de eerste die dat niet deed. Ik ga nooit in discussie met een patiënt maar probeer te begrijpen wat hij of zij wil bereiken met zijn of haar klacht. De klacht of het lijden is namelijk functioneel voor degene die eronder lijdt. Dus als iemand bij mij binnenkomt en zegt “Ik ben Napoleon’, dan zeg ik ‘Gaat u zitten majesteit wat kan ik voor u doen?’
Ik nam dus de waan van X voor waar en als consequentie daarvan moest hij volgens mij Hebreeuws kunnen spreken – wat hij niet kon. X was zelf verbaasd nooit op dat idee te zijn gekomen en zou Hebreeuws gaan leren. Hij bekende zelfs ontspannen lachend dat hij daar zelf niet op was gekomen. Hoe het is gebeurd weet ik niet, maar misschien door het strikt moeten omgaan met grammaticale regels en een totaal nieuwe wijze van ideologisch denken verbrokkelde zijn waan. Hij brak zijn studie af, ging naar Delft en is een succesvolle architect geworden.
Het verhaal is nog niet ten einde, maar dat is niet het onderwerp van dit artikel. Het gaat hier om: hoe vind je een algemene regel voor het vinden van je roeping? Je hebt als je niet volgens je roeping leeft behalve gevoelens van onbehagen ook een voortdurend gevoel van er niet bij te horen, van waarom leef ik en van een zwakke gezondheid. Het vinden van de taak in je leven is uiteraard een strikt individuele zaak en ik raakte met mezelf in conflict omdat ik een algemene regel zocht. Ik kon er niet uitkomen en kon dus niet verder schrijven.
Afgelopen zaterdag was het Toeval mij gunstig gezind. Ik ging met mijn vrouw naar de film en we zagen Slumdog Millionaire. De hoofdpersoon Jamal geeft een perfect voorbeeld van het toepassen van de methode om je roeping te vinden. Hij kijkt naar wat er in hem opkomt als hem een vraag wordt gesteld. Het is een schat van een film en misschien wel een illustratie van het feit dat kunst maatschappelijke betekenis kan hebben.
Wat heb ik tot nu toe gevonden?
1. Als je een roeping hebt dan knaagt dat idee aan je. Je kunt het niet van je afzetten met ‘Laat ik ophouden met esoterisch gezweef en me bij de feiten houden’.
2. Je moet besef hebben van evolutie en menselijke evolutie. Ik heb over niets anders geschreven in mijn vorige artikelen.
3. Je moet besef hebben van de zin achter het toeval.
4. Schaf allereerst alle ideeën over God af.
5. Vorm je een beeld van iets dat met richting en evolutie heeft te maken (zie mijn vorige artikel waarin ik de wind memoreer, de wind die je kunt gebruiken en die niet kwaad wordt als je geen gebruik van hem maakt).
6. Als je alle esoterisch gezweef en theologisch gezwam over het begrip God loslaat, komt de inspiratie die je naar je roeping leidt vanzelf op je af.
7. In beelden, fantasieën, dromen, toevallige artikelen, boeken en films ;-)
That’s all. Had je iets ingewikkelds verwacht? Het leven is eenvoudig, want iedere rups en iedere vlinder kan leven. Alleen mensen maken het zich onmogelijk. Privatiseer God, gooi je aandelen en opties in kerken en goeroes in het vuur. Je zult zelf als een feniks uit de as herrijzen.
Wie over de methode of verfijningen daarvan wil discussiëren is meer dan welkom. Stel je vragen en ik zal ze met vreugde beantwoorden.
Ronald Pino
voor eventuele nadere info www.ronaldpino.blogspot.com
De privatisering van God (5)
Door Ronaldpino populair sinds over 3 jaren
Het sneeuwt alweer. Laten we dat toeval volgen. We bestuderen de vorm van sneeuwvlokken. Je kunt proberen ze zelf onder een microscoop te bekijken, maar op Wikipedia vind je een paar prachtige afbeeldingen van een wonderlijk verschijnsel van georganiseerd toeval. Het is namelijk absurd dat sneeuwvlokken zesvoudig symmetrisch zijn. Hoe weten de ijskristalletjes links en rechts van een symmetrieas waar zij moeten vastplakken? En dat verschijnsel doet zich zesmaal voor per vlok; alsof er een geheimzinnige mal is die organiseert waar de ijskristallen moeten plaatsnemen om een keurige zesvoudig symmetrische vorm aan te nemen.
Als je uit een zak gevuld met 5 zwarte en 5 witte knikkers willekeurig één voor één een knikker haalt en je hebt er al 9 uitgehaald, dan kun je de kleur van de laatste knikker voorspellen. Toen alle knikkers nog in de zak waren, was het puur toeval dat je bij willekeurige trekking een witte of een zwarte kreeg.
En nu hetzelfde probleem, maar getransponeerd naar dobbelstenen. Als je met een dobbelsteen gooit dan is er altijd een kans van 1 op 6 welk aantal ogen boven komt te liggen. En als je met 6.000.000 dobbelstenen gegooid zou hebben en het zouden perfecte eerlijke dobbelstenen zijn en je hebt 5.999.999 keer gegooid, dan is het laatste aantal ogen dat je zult gooien voorspelbaar. Of niet? Ik heb bij lezingen mathematici met schuim om de mond horen beweren dat altijd het aantal ogen dat boven komt te liggen een kans van 1 op 6 is, of je nu één keer gooit of pakweg 100.000.000 keer. Wat heeft u aan deze gedachte-experimenten? Als u van mening bent dat, hoe vaak u ook gooit, het aantal ogen dat boven komt te liggen een zaak is van 1 op 6, dan bent u eendimensionaal logisch denkend. Laten we zeggen normaal redenerend. Als u denkt dat bij meerdere worpen er uiteindelijk een voorspelbaar aantal ogen boven moet komen, als u maar genoeg geworpen hebt, dan bent u meerdimensionaal denkend. Er is een verhaal van Edgar Allen Poe waarin iemand verschillende apen willekeurig op de toetsen van een schrijfmachine laat slaan en op een dag verschijnen er hele boeken; zelfs een van de schuimbekkende mathematici moest toegeven dat zoiets mogelijk is.
Mijn gedachte achter dit alles is deze. Dat wat we toeval noemen is bezien vanuit een andere dimensie wetmatigheid. We kennen normaal 3 dimensies. 4 als je inziet dat tijd een aparte dimensie is. (In een ruimte kun je heen en weer gaan maar in de tijd niet – terwijl je heen en weer gaat blijft de klok doorlopen.) Er zijn 5 dimensies als je de tijd opgenomen ziet in een ‘bovenliggende’ dimensie.
Het is een wet dat vingerafdrukken op een ingewikkelde toevallige manier alle en altijd van elkaar verschillen. Je kunt er dus op rekenen dat de vingerafdrukken van een pasgeboren baby niet eerder zijn voorgekomen. Toevallig verschillen vingerafdrukken van elkaar maar dat dat het geval is, is op zich dus geen toeval maar wetmatig. Toeval bestaat alleen maar binnen de tijd die lijnvormig is. Maar de tijd zelf bestaat alleen binnen een ruimere mogelijkheid, die iets anders is dan rechtlijnige tijd.
Om het eenvoudig te maken: u verschilt van mij en daarom leest u dit artikel. Als wij identiek aan elkaar waren, zou u niet dit artikel lezen. U zou het alleen kunnen herlezen. Iets bestaat alleen tegen een achtergrond die niét iets is. Een schilderij kan niet in het wilde weg zweven, het moet tegen een muur hangen en daarvan verschillen. Een tafel kan alleen in een kamer staan als de kamer niet samenvalt met de tafel. Een ding bestaat alleen bij de gratie van het feit dat waarin het bestaat, verschilt van het ding. Nu is het duidelijk wat de filosoof Hegel bedoelde toen hij zei: ‘De these (een uitspraak, de zin, het ding) bestaat alleen dankzij de antithese.’ Al wat is, bestaat alleen dankzij het bestaan van iets totaal anders. Tijd en tijdelijkheid bestaan alleen dankzij het bestaan van eeuwigheid. Heidegger werd verpletterd door het inzicht dat alles wat bestaat kan bestaan omdat er ook een groter geheel bestaat en dat is het Niets. Het niets is dus blijkbaar niet een leegte, maar een conglomeraat van mogelijkheden waaruit de gehele schepping is voortgekomen.
Het is van hieruit maar een kleine stap om te beseffen hoe gestoord mensen zijn die goede dingen doen voor God of die weten hoe God denkt en wat God wil. Het minst krankzinnige beeld vind ik de beschrijving van God als een Roe’ach Elohim, een goddelijke wind. God is als de wind, je kunt er gebruik van maken als je weet hoe je moet zeilen. En als je geen gebruik maakt van de wind wordt de wind niet kwaad. En of je nou vloekt of tiert of psalmen zingt voor de wind, je kunt hem niet beïnvloeden.
Mensen hebben geen absoluut vrije wil, zij zijn bijvoorbeeld onderworpen aan natuurwetten. Waarin hebben ze wel een vrije wil? Zij kunnen alleen nee of ja zeggen tegen iets wat er is of wat mogelijk is.
Ieder mens past op zijn plaats zoals het minieme ijskristalletje zijn plaats inneemt in het prachtige symmetrische vormenwerk van een sneeuwkristal. En zoals een pijnboom er altijd uitziet als een pijnboom, en een eik er uitziet als een eik.
Een mens past in een roeping maar vrij van wil als hij is, kan hij weigeren. Ooit bezocht mij een meisje, laten we haar Sylvia noemen. Sylvia leed aan anorexia toen zij mij bezocht. Toen zij daarvan genas wilde ze Hebreeuws studeren en op een dag ging ze naar Israël. Toen ze mij na haar terugkeer bezocht was ze totaal overstuur van wat zij in Palestijnse gebieden had meegemaakt. U moet weten dat Sylvia een heel gevoelig mesje is met een groot rechtvaardigheidsgevoel. Ze vertelde me wat ze gezien had en ik zei: ‘Schrijf er een boek over.’ Dat zou ze doen. Wij bespraken hoe zij het boek zou moeten inrichten, wat er in moest staan. Om redenen die te ver voeren voor dit verhaal heeft zij het boek niet geschreven. Ze kreeg nog wel dromen die door mij uitgelegd werden als ‘het boek moet geschreven worden’. Maar zij schreef het boek niet. Ik raakte in grote verwarring, want er waren zoveel tekens dat het boek geschreven moest worden. Ik kon het niet schrijven want het zou een gek boek zijn geworden dat vol zou staan met ‘en toen zei Sylvia dit en toen zei Sylvia dat’. Ik begon mijn geloof in het bestaan van de menselijke roeping bijna te verliezen tot ik op een dag in een winkel een boek opensloeg waarin alles stond dat Sylvia had moeten schrijven. Het boek was geschreven door Anja Meulenbelt.
Er is een grotere werkelijkheid die ons draagt en die ons voedt. En het behoort tot de menselijke vrijheid daartegen als hij dat wil neen te zeggen. Je wordt er niet voor gestraft, je wordt er niet ziek van en als je op je schreden terugkeert word je ontvangen als een verloren zoon.
Er is een wijze van leven voor ieder van ons waarbij je zeggen kunt ‘zo wil ik het en zo doe ik het.’ Ik ben maar zeer zelden in het leven gelukkig geweest. Misschien een keer of drie hooguit maar wat ik heb gedaan daar sta ik nog altijd achter en dat geeft me een gevoel van vanzelfsprekendheid; tevredenheid; bijna geluk.
Ik moest wel zoveel ellende meemaken dat ik ontdekte dat bidden niet helpt (ik heb wel een uitzondering gevonden die ik u graag t.z.t. zal verraden), dat God zoals de kerken ons willen laten geloven niet bestaat en lid zijn van een kerk of sekte je verwijdert van je eigen en privé godsbeeld en ik moest het denken overwinnen dat ik gehallucineerd had en dus ernstig ziek moest zijn.
De algemene God van de kerken is dood – morsdood. Maar er is een andere God. Een Roe’ach Elohim. Ieder van ons leeft naar zijn eigen wil en welbehagen. Als je leeft volgens je roeping krijg je de wind in de zeilen – maar of je er gelukkig mee wordt? ;-)
Ik had het net over hallucinaties. Er bestaat een hallucinatie die kennelijk algemeen menselijk is. Volgende keer graag!
Ronald Pino
Voor een eventuele nadere kennismaking met de auteur zie www.ronaldpino.blogspot.com
De Privatisering van God - 4
Door Ronaldpino populair sinds over 3 jaren
In de artikelen over schizofrenie haal ik het begrip schizofrenie onderuit. Dat is geen kunst, want iedere serieuze en ervaren psychiater weet al dat het ziektebeeld een parapluterm inhoudt voor hinderlijke sociaal moeilijk in te passen gedragingen. Het begrip hallucinatie hoort opnieuw bestudeerd te worden want het blijkt een normaal menselijk verschijnsel. Jung heeft dat ook gedaan. Ik zag in mijn hallucinaties dingen gepresenteerd die pas vele jaren later waarheid zouden worden. Daarmee ontstaan problemen met betrekking tot de betekenis van tijd en van causaliteit – en daar zijn psychologie en medische wetenschappen niet voor toegerust. De samenhang tussen tijd en ruimte is vrij speelterrein geworden voor fantasten en denkers met ruimte en tijd voor nieuwe gedachten.
In 'Kunst is gratuit 1 (?)' tip ik aan een gedachte die door Salvador Dali is uitgebeeld en die in de kwantummechanica gemeengoed is. De tijd is niet een eendimensionale, maar kennelijk een meerdimensionale plooibare ruimte.
In de ruimte kun je heen en weer gaan en in de tijd niet – dus dat tijd en ruimte samenvallen is niet correct. Wel is het zo dat indien er ‘geen tijd is’ er ook absoluut geen ruimte kan bestaan. Gaat het nu om fysica of om een grap van het denken? Ik weet het niet.
Vanuit droombeelden via hallucinaties naar kunstzinnige verbeeldingen is maar een kleine stap. Kunsthistorische fenomenen lijken zich gelijktijdig over de gehele aarde te actualiseren. Voorbeelden zijn grotschilderingen, het ontstaan van het schriftteken, de productie van megalithische bouwwerken. Als menselijke voortbrengselen gelijktijdig kunnen voorkomen dan rijst de vraag in hoeverre de mens gedachten maakt of gedachten krijgt.
In het daaropvolgende ‘Keerpunten’ in de geschiedenis citeer ik Störich, die het over keerpunten in de wereldgeschiedenis heeft gehad. Er bestaan kennelijk niet alleen gaten in de ruimte maar ook in de tijd, want Jules Verne kon lichtgevende diepzeekwallen ‘waarnemen’ lang voordat de techniek voldoende vooruitgang had geboekt om ze ook werkelijk te zien. Jules Verne had gezien wat onzichtbaar hoorde te zijn.
Denken wij mensen wel? Nauwelijks. In De Privatisering van God 1, eerste helft, laat ik zien hoe geborneerd mensen zijn als het om denken gaat. Als we zo begrensd zijn in ons denken hoe kun je dan gedachten met elkaar delen?
Als ik het woord schroevendraaier laat vallen, weet iedereen vrij exact wat ik bedoel, want iedereen heeft een of andere schroevendraaier in huis. En als ik theelepel schrijf, verschijnt overal in uw geest bij ieder die dit artikel leest (en mijn dank daarvoor) het beeld van een theelepel, maar dat beeld hoeft niet samen te vallen met de theelepel die nu op het schoteltje bij mijn kopje thee ligt. Die min of meer congruentie van woord en beeld gaat totaal de mist in wanneer ik het woord vakantie schrijf. Nu moet u aan een eigen vakantie denken; en als ik wintersportvakantie schrijf heeft u beelden van een eigen skivakantie voor ogen. Zo gaan we de mist in als ik het woord God schrijf.
Op het moment dat u of ik zouden willen zeggen ‘laten we het begrip dat de mensen hebben voor de idee God wetenschappelijk analyseren’ word je aangevallen op de ideeën die de aanvallers zelf in hun eigen geest hebben van hun God.
Was het maar mogelijk alles wat er gezegd en gedacht is over het begrip God uit onze geest uit te gummen. Ik vrees dat dat onmogelijk is. Ik heb geprobeerd het begrip ‘suprahumaan bewustzijn’ in te voeren, maar er zijn er die onmiddellijk opspringen en mij aanvallen dat ik het over God heb. Ook als je niet in toeval gelooft schijn je godsdienstig te moeten zijn. Alleen al praten over God schijnt voor sommigen hetzelfde te betkenen als geloven in God.
Om het duidelijk te stellen. Ik geloof niet in een algemeen bestaand beeld van God maar ik ben er na zo’n vijftig jaar intens intieme gespreksomgang met mensen van overtuigd geraakt dat in ieder geval de mensen die ik ontmoet heb wel degelijk een eigen beeld van hun eigen God hebben. Ieder heeft het recht op een privé God maar slechts weinigen maken daar nuttig gebruik van. Met nuttig gebruik bedoel ik er iets reëels in je leven mee doen. Offers brengen, ongelovigen de keel afsnijden, ongelovigen op de brandstapel zetten, in het Latijn of Grieks praten, kortom iets doen voor God is in mijn ogen nonsens. Iets doen voor de schepper van alles en alles is iets doen voor een God die alles kan. Offeren is dan te vergelijken met een zakkenroller die je een euro uit je portemonnee aanbiedt uit vreedzame offervaardigheid. En een God die kwaad kan worden en dan gaat straffen is helemaal van de wilde spinnen gebeten. Een God die kwaad kan worden, kan schade lijden – is dus vernietigbaar. Aan de slag dan zou ik zeggen. Zoek een andere God. Of verdiep je in het wezen dat bijna God is – in jezelf in relatie tot een God die geen offers, geen goede daden nodig heeft en die nooit straft. Die niets doet. Dus bidden en zingen heeft geen nut. Heb je iets aan zo’n God? Verdomde veel. Je kunt er ongelooflijk veel mee voor jezelf voor elkaar krijgen. Hoe? Je moet leven.
Voor ik mijn betoog vervolg, citeer ik de voor mij indrukwekkende woorden van Herman Hesse die na bijna 100 jaar helaas nog niets aan waarde hebben ingeboet.
begin citaat)
Wat dat is, een werkelijk levend mens, dat weet men vandaag de dag stellig minder dan ooit en men schiet dan ook de mensen, van wie ieder een kostbare, unieke poging van de natuur is, bij massa’s dood. Zouden wij niet nog meer zijn dan unieke mensen, zou men ons inderdaad met een geweerkogel geheel en al van de wereld kunnen vagen, dan zou het geen zin meer hebben geschiedenissen te vertellen. Maar ieder mens is niet alleen hijzelf, hij is ook het unieke, zeer bijzondere, in elk geval belangrijke en merkwaardige punt, waar de verschijnselen van de wereld elkaar kruisen, slechts eenmaal op die manier en nooit weer. Daarom is de geschiedenis van ieder mens belangrijk, eeuwig, goddelijk, daarom is ieder mens, zolang hij maar leeft en de wil van de natuur vervult, wonderbaarlijk en alle aandacht waard. In ieder mens heeft de geest gestalte gekregen, in ieder mens lijdt het schepsel, in ieder mens wordt een verlosser gekruisigd.
Weinigen weten vandaag de dag wat de mens is. Velen voelen het en sterven daarom gemakkelijker, zoals ik gemakkelijk sterven zal als ik deze geschiedenis af heb geschreven.
Een wetende mag ik mij niet noemen. Ik was een zoekende en ben het nog, maar ik zoek niet meer op de sterren en in de boeken, ik begin de leringen te horen die ruisen in mijn bloed. Mijn verhaal is niet prettig, het is niet lieflijk en harmonieus als de bedachte verhalen, het smaakt naar absurditeit en verwarring, naar waanzin en droom gelijk het leven van alle mensen die zichzelf geen rad meer voor de ogen willen draaien.
Het leven van ieder mens is een weg naar zichzelf, de poging tot een weg, de aanduiding van een pad. Geen mens is ooit geheel en al zichzelf geweest; toch streeft ieder ernaar het te worden, de een dof, een ander lucider, een ieder naar vermogen. Ieder draagt de overblijfselen van zijn geboorte, slijm en eierschalen van een oerwereld, tot aan het einde met zich mee. Menigeen wordt nooit mens, blijft kikvors, blijft hagedis, blijft mier. Menigeen is van boven mens en van onderen vis. Maar iedereen is een worp van de natuur naar de mens. Wij allen hebben dezelfde bronnen van herkomst, de moeders, wij komen allen uit dezelfde diepte; maar ieder streeft, een poging en een worp uit de diepten, naar zijn eigen doel. Wij kunnen elkaar begrijpen; maar verklaren kan ieder alleen zichzelf. (einde citaat uit ‘Demian’ van Herman Hesse; Bezige Bij 1989, pag. 7-9.)
Hoe breng je jezelf werkelijk tot bloei? Lichamelijk, geestelijk en spiritueel? Hulpgedachte: Hoe kun je zeilen?
(wordt vervolgd)
Voor een nadere kennismaking met Ronald Pino zie www.ronaldpino.blogspot.com
Heren van de Thee volgens Hella Haasse en Slempers boven hun theewater volgens Ronald Pino.
Door Ronaldpino nieuw sinds over 3 jaren (www.volkskrantblog.nl)
De privatisering van God - 3
Door Ronaldpino populair sinds over 3 jaren
Daartegen zijn twee dingen in te brengen.
1. De afstand van eiwitachtige stof naar bewust leven is te vergelijken met de afstand van een auto uit klei geboetseerd naar de bolide die op een dag over de weg raast. Op het oog is er samenhang maar in werkelijkheid heeft het feit van een kleimodel niets te maken met het feitelijke bestaan van een auto. Een auto is uit ander materiaal ontstaan dan een kleimodel. Het kleimodel is de ‘gematerialiseerde’ gedachte van een auto-ontwerper. Een kleimodel van een mens is ook geen voorfase van een levend wezen. Wie een eiwit maakt heeft geen denkend leven gemaakt. Hij heeft hooguit een voorwaarde geschapen waaruit als er nog een aantal wonderen of toevallige gebeurtenissen plaatsvinden op een dag een virus zou kunnen ontstaan. Hoe een virus tot meercellig wezen evolueert is zelfs nog niet wetenschappelijk te bedenken, laat staan uit te voeren.
2. Van nog groter belang is het volgende. Urey en Miller hebben hun eigen invloed overgeslagen in hun experiment over de schepping van eiwitachtige stoffen. Ze hebben aangetoond dat een levend en van bewustzijn voorzien wezen (in hun geval dus zijzelf), een oersoep kan maken en daar vervolgens ultraviolet licht en elektrische ontladingen doorheen kan sturen, waarna er iets ontstaat dat zich tot eiwitten zou kunnen ontwikkelen. Niet het toeval maar zij hebben zelf en bij vol bewustzijn, nauwkeurig de voorwaarden voor het ontstaan van leven in hun lab geschapen. Zij hebben vonken op een door hen vastgesteld tijdstip door de oersoep gejaagd. Waar in hun verhaal blijkt het bestaan van het toeval? Nergens. Bij iedere fase in hun experiment was er hun eigen scheppende geest in het spel. Zij hebben eigenlijk alleen maar de noodzakelijke rol van een schepper gedemonstreerd. Die conclusie wordt niet door mij getrokken maar door monsignor Pinelli s.j. die U & M van repliek diende.
Nergens in het experiment van U & M was er sprake van toeval. De toevallige oersoep wordt bekokstoofd uit na diep doordenken bij elkaar gestopte stoffen. Een toevallige blikseminslag, zeiden de heren geleerden, hoort daarbij en ze maakten er een. Een toevallige elektrische ontlading werd door U & M of door hun assistenten door de kolf met oersoep gejaagd. Hoezo toevallig? Immers de toevallige blikseminslag kwam uit een elektrische pool die door een meneer die ervoor had gestudeerd was bedacht en waardoorheen stroom aangevoerd was volgens de methoden van weer heren die ervoor gestudeerd hadden. Kortom wat de geleerden toeval noemden is in hun geval een gebeurtenis die is ontstaan gebruikmakend van hun invloed en verstand. Toeval ontstaat uit zichzelf of het is geen toeval.
U & M hebben aangetoond dat er eiwitachtige stoffen kunnen worden geproduceerd op de door hen aangegeven wijze. Of eiwit tijdens de evolutie inderdaad op die manier is ontstaan is niet bewezen.
Als je wilt bewijzen dat het leven op aarde door het toeval is ontstaan dan moet je niet keurig georganiseerde situaties toeval noemen. Uit het experiment met oersoep en elektrische ontlading kun je alleen concluderen dat er leven is ontstaan doordat niet toevallige omstandigheden dat voor elkaar hebben gekregen. Dat eiwit toevallig is ontstaan is met de proefopstelling van U & M niet bewezen; eerder het tegendeel.
Het belangrijkste uit het hele verhaal is dit: wetenschap is een stelsel van interpretaties of van geloven. Ik kan echt niet nameten dat bij -273 C º atomen niet meer bewegen. Of minder gelovig gesteld: wat we weten is een interpretatie van feiten. Het bestaan van God of het niet bestaan van God is een interpretatie van wat je in het leven tegenkomt.
Hier gaat het mij nu om: JIJ bent niet anders dan JOUW interpretatie van jezelf. De grenzen die je aan jezelf stelt zijn jouw keuzes. Let wel de grenzen die JIJ aan jezelf stelt. Er bestaan uiteraard ook grenzen die er zijn zonder dat jij ze getrokken hebt: natuurwetten bijvoorbeeld. ‘Bid en u zal gegeven worden’ staat er in de bijbel – wel spring van een hoge flat, bid halverwege dat je op beide benen veilig op de grond komt en publiceer dat of schrijf het me, dan kom ik kijken als je het nog een keer doet.
Vrienden, in zaken als de natuurwetten zijn we (waarschijnlijk!) machteloos, maar waar liggen onze grenzen werkelijk? Ik doe een poging via mijn artikelen en met behulp van uw kritiek om op zoek te gaan naar het antwoord maar vergeet niet dat ik nergens iets anders weergeef dan mijn interpretaties van feiten (die je altijd via Google nader kunt geloven) en mijn beperkingen van mijn denken.
Ronald Pino
Dit artikel past in de reeks die begonnen is met ‘Dromen zonder bedrog.’ Voor een eventuele nadere kennismaking met de auteur zie www.ronaldpino.blogspot.com
Hella Haasse, Oeroeg en de ongemakkelijke waarheid over beiden volgens Ronald Pino.
Door Ronaldpino nieuw sinds over 3 jaren (www.volkskrantblog.nl)
De vis op het droge of de caféhouder die pleit voor vrij roken in zijn café? Wie kent het beste de waarde van vrijheid? De gevangene of de vrije vakantieganger?
http://www.volkskrantblog.nl/blog/79805










Reacties