Tempus fugit : of wat is Tijd ?
TEMPUS FUGIT : wat is tijd ?
- De Tijd vliedt of vlucht weg als een pijl, immer voorwaarts . Men wordt ook steeds ouder ; maar daar gaan we het hier niet over hebben ; wel over het fenomeen ‘TIJD’ zelf .
-Wat is ‘Tijd’ ? Als men het vroeg aan St Augustinus (4e eeuw); beweerde hij het soms te weten ; maar als hij het moest uitleggen, dan wist hij het niet meer ,verklaarde hij zelf .
-Men heeft wel enig besef van de tijd ; maar een afdoende definitie of begrip er van is niet zo evident .
-Tijd wordt ‘gebruikt’ in het gewone leven : “Gebruikt hem wel” zegt men soms wel eens ; of "het enige waarover de mens beschikt is een beetje tijd ".
-Maar de tijd wordt eveneens aangewend voor wiskundige berekeningen in de fysica, en is aldus verbonden met de empirische wereld .
-Maar naar inhoud is en blijft de tijd wel een transcendent fenomeen of idee, net trouwens zoals het begrip ‘ruimte’ ook een begrip van transcendente aard is .
-Volgens Aristoteles was tijd de ‘maat van de beweging’ ; en aldus een intelligibel begrip; want getal, tellen en meten zijn verstandsfaculteiten en vlgs A. eigenschappen van de ziel .
-De hemellichamen in hun bewegingen gaven de maat van de tijd aan . Zo doen ook de zonnewijzer, de zandloper, de mechanische uurwerken en de electrische en electronische satelliet-geleide klokken . Maar ook in de natuur -de seizoenen- en in het levensritme is enige ‘maat’ van tijd terug te vinden . Er bestaat ook zoiets als objectieve en subjectieve tijd voor de mens .
-Ook St Augustinus zou de tijd verder subjectiveren en enkel verstaan als een eigenschap van of in de ziel . En ook Kant ging gedeeltelijk die weg op, door de tijd evenals de ruimte een a priori-vorm in ons verstand te noemen ; en aldus enkel te zien als een ‘voorstellingsvorm’ van de dingen, waarvan men verder de ware inhoud niet kon kennen . Bergson legde vooral de nadruk op de ‘duur’ van de tijd om het begrip ervan enigszins te begrijpen . En ook volgens Heidegger was : Tijd= Zijn ; want Tijd=Duur=Blijven=Zijn … Hegel tenslotte zag de tijd als de evolutie van de ‘absolute idee, maar zag de dag als een opvolging van NU’s .
-En reeds vanin de oudheid verdeelde men de tijd in 3 delen : nl. het verleden, het heden of het NU en de toekomst .
-Het begrip NU was het moeilijkst te plaatsen . Men vergeleek het met de ‘punt’ in de ruimte ; dus met een ‘nihil’ qua grootte of uitgestrektheid. Het NU is ook het ogenblik zonder enige duur of afmeting, dus een nihil in de tijd zelf ; want als men er enige duur zou aan toekennen, zou men dit tijdsmoment alweer moeten en kunnen onderverdelen in een verleden, een heden en een toekomst .
-Het NU is werkelijk de scharnier tussen verleden en toekomst ; het verleden is immers niet (meer), en bestaat nog enkel in het geheugen of in andere ‘bewustzijnsvormen’ ; en anderzijds bestaat de toekomst nog niet, en is enkel als verwachting, als planning of finaliteit in de geest of bewustzijnden aanwezig
-Enkel het NU zou dan een reëel bestaan kunnen hebben ; maar is qua grootte of duur een ‘nihil’ van en in die tijd .
-Aldus komt men tot inzicht en moet men concluderen, dat TIJD enkel in de geest of het bewustzijn bestaat, en dan wel als ‘idee’ of als een voorstellingsvorm …
-En als we aannemen, dat alles in die tijd ‘is’ en bestaat of existeert, moeten we besluiten dat dit alles op een zekere ideële wijze existeert, en een geestelijke, bewuste maar ongekende energie als inhoud moet hebben.
-Tempus fugit - immer als een pijl vooruit …; alleen in onze geest en geheugen kunnen we achteruitgaan in die tijd …, en misschien ook blijven of vooruitgaan ?
-Quid ? Het fenomeen TIJD blijft een raadsel .
- De Tijd vliedt of vlucht weg als een pijl, immer voorwaarts . Men wordt ook steeds ouder ; maar daar gaan we het hier niet over hebben ; wel over het fenomeen ‘TIJD’ zelf .
-Wat is ‘Tijd’ ? Als men het vroeg aan St Augustinus (4e eeuw); beweerde hij het soms te weten ; maar als hij het moest uitleggen, dan wist hij het niet meer ,verklaarde hij zelf .
-Men heeft wel enig besef van de tijd ; maar een afdoende definitie of begrip er van is niet zo evident .
-Tijd wordt ‘gebruikt’ in het gewone leven : “Gebruikt hem wel” zegt men soms wel eens ; of "het enige waarover de mens beschikt is een beetje tijd ".
-Maar de tijd wordt eveneens aangewend voor wiskundige berekeningen in de fysica, en is aldus verbonden met de empirische wereld .
-Maar naar inhoud is en blijft de tijd wel een transcendent fenomeen of idee, net trouwens zoals het begrip ‘ruimte’ ook een begrip van transcendente aard is .
-Volgens Aristoteles was tijd de ‘maat van de beweging’ ; en aldus een intelligibel begrip; want getal, tellen en meten zijn verstandsfaculteiten en vlgs A. eigenschappen van de ziel .
-De hemellichamen in hun bewegingen gaven de maat van de tijd aan . Zo doen ook de zonnewijzer, de zandloper, de mechanische uurwerken en de electrische en electronische satelliet-geleide klokken . Maar ook in de natuur -de seizoenen- en in het levensritme is enige ‘maat’ van tijd terug te vinden . Er bestaat ook zoiets als objectieve en subjectieve tijd voor de mens .
-Ook St Augustinus zou de tijd verder subjectiveren en enkel verstaan als een eigenschap van of in de ziel . En ook Kant ging gedeeltelijk die weg op, door de tijd evenals de ruimte een a priori-vorm in ons verstand te noemen ; en aldus enkel te zien als een ‘voorstellingsvorm’ van de dingen, waarvan men verder de ware inhoud niet kon kennen . Bergson legde vooral de nadruk op de ‘duur’ van de tijd om het begrip ervan enigszins te begrijpen . En ook volgens Heidegger was : Tijd= Zijn ; want Tijd=Duur=Blijven=Zijn … Hegel tenslotte zag de tijd als de evolutie van de ‘absolute idee, maar zag de dag als een opvolging van NU’s .
-En reeds vanin de oudheid verdeelde men de tijd in 3 delen : nl. het verleden, het heden of het NU en de toekomst .
-Het begrip NU was het moeilijkst te plaatsen . Men vergeleek het met de ‘punt’ in de ruimte ; dus met een ‘nihil’ qua grootte of uitgestrektheid. Het NU is ook het ogenblik zonder enige duur of afmeting, dus een nihil in de tijd zelf ; want als men er enige duur zou aan toekennen, zou men dit tijdsmoment alweer moeten en kunnen onderverdelen in een verleden, een heden en een toekomst .
-Het NU is werkelijk de scharnier tussen verleden en toekomst ; het verleden is immers niet (meer), en bestaat nog enkel in het geheugen of in andere ‘bewustzijnsvormen’ ; en anderzijds bestaat de toekomst nog niet, en is enkel als verwachting, als planning of finaliteit in de geest of bewustzijnden aanwezig
-Enkel het NU zou dan een reëel bestaan kunnen hebben ; maar is qua grootte of duur een ‘nihil’ van en in die tijd .
-Aldus komt men tot inzicht en moet men concluderen, dat TIJD enkel in de geest of het bewustzijn bestaat, en dan wel als ‘idee’ of als een voorstellingsvorm …
-En als we aannemen, dat alles in die tijd ‘is’ en bestaat of existeert, moeten we besluiten dat dit alles op een zekere ideële wijze existeert, en een geestelijke, bewuste maar ongekende energie als inhoud moet hebben.
-Tempus fugit - immer als een pijl vooruit …; alleen in onze geest en geheugen kunnen we achteruitgaan in die tijd …, en misschien ook blijven of vooruitgaan ?
-Quid ? Het fenomeen TIJD blijft een raadsel .
-
Geplaatst:4 maanden geleden, populair sinds 4 maanden (in 7 uur)
-
Door:
-
Categorie:
-
-
Discussie:
Reageren op dit artikel? Log in of registreer jezelf
Waarom eKudos gebruiken
- Deel en ontdek nieuws, video’s, foto’s en tips
- Schrijf en plaats nieuws dat jij belangrijk vindt
- Start een vriendennetwerk
- Stem! Op ekudos is heel Nederland de redactie
- Geef je mening en start discussies
- Volg het nieuws van vrienden en bekenden
- Start een weblog met gelijk een groot publiek
- Ontdek het leukste en beste nieuws van het web

Een verklaring is dikwijls recursief:
- opeenvolgende tijdstippen vormen de tijd;
- wat is een tijdstip?
Tijd bestaat wel degelijk buiten het bewustzijn, echter, het wordt erdoor waargenomen.
Maar deze waarneming is niet zintuiglijk - iets wat men van ruimte wel kan zeggen, immers, dat kunnen we met de ogen zien.
En beide fenomenen zijn volgens de huidige inzichten nog steeds in wording:
er wordt continu een vaste hoeveelheid ruimte gevormd in een evenredig tijdsbestek - of andersom.
Nochtans is het één geen gevolg van het ander, maar kan niet zonder.
Want wat als de tijd stopt?
Klapt dan de ruimte ook in elkaar van een kleine 14 miljard lichtjaar qua afmeting naar 'gewoon niets'?
Betekent dit dan ook dat de gehele geschiedenis is verdwenen en in wezen nooit heeft plaatsgevonden?
In dat licht is het verschijnsel tijd het topje van de ijsberg der onbegrijpelijkheid.
En soms is onwetendheid een zegen. (~_^)
maar tijd als concept kwam bij mij naar boven....
http://www.argusoog.org/tijd-is-een-mentaal-con...
-Im-materialisme I : Argumentatie tot idealisme en Supra-solipsisme
---Processus 1 :
Thesis : de ruimte is eindig . Als de ruimte in reële zin, als draagster van 'materiele' substanties, werkelijk bestaat, dan moet ze meetbaar zijn, t.t.z. er moet een bepaald, beperkt aantal 'x' kubieke km, of zelfs kubieke lichtjaren ruimte zijn en bestaan .
Anti-thesis : de ruimte is oneindig . Als de ruimte dan wel bepaald en gelimiteerd zou zijn, dan moet ze begrensd en quasi om-muurd zijn . Door wat ? En wat is er dan na of achter die muur ??? Ja wel, alweer ruimte of uitgebreidheid ;... anders kan men zich dat niet voorstellen ...
Conclusie : de ruimte is zowel eindig als oneindig ; wat een contradictie is ; een antinomie ..
Oplossing : de ruimte 'bestaat' niet in zijn reële zin.; en wordt zeker niet gepercepteerd via onze zintuigen .; doch is slechts een middel à priori tot de voorstelling van alle reële, 'materiele' substanties -hetgeen Kant ook al beweerde ...
De ruimte is slechts als idee in de geest en het verstand aanwezig, als middel tot het vormen en voorstellen van alle zogenaamde 'materiele' zijnden .
Bijkomende conclusie : indien er geen reële ruimte bestaat, kunnen ook geen 'materiele' substanties of lichamen er zich in bevinden en bestaan ...
---Processus 2 :
De 'tijd' is eveneens slechts een ideëel begrip, dat geen enkele blijvende existentie verzekert .
Het 'verleden' is er niet (meer), en bestaat slechts als gedachte, idee ; ook de 'toekomst' is er (nog niet,) en bestaat ook slechts als verwachting en idee in de geest . Het 'NU', daar zouden we het moeten mee doen ; maar het 'nu' is net als de 'punt' een 'nihil', en heeft geen enkele duur ...
Dus de Tijd in zijn drie 'tijdsmomenten' verleden, heden en toekomst is er enkel als idee, gedachte, bewustzijn in de (een) geest ...En aldus, al wat in de tijd gebeurt of 'is' , doet dit slechts op een ideeële wijze ...
Zodoende komen we tot een volstrekt 'idealisme' ...
---Processus 3 :
Het enige 'absolute zijnde' kan slechts de 'logica' zelf zijn -ongeveer als de Logos bij de oud-Grieken- De logica : t.t.z. de eeuwige wetten van de fysisca, van de wiskunde of de logica zelf . Al het overige , wat is, is contingent te noemen , niet 'absoluut moeten zijn' en afhankelijk ...
Alles moet aldus uit dit enige 'absolute zijn' voortspruiten als ideeële substanties of 'zijnden' .
Dit 'absolute moeten zijn' is dan ook te zien als de onbepaalde, ongekende Wil, -het moeten zijn van de logica- de 'geestelijke', ongekende energie ; en het ware 'innere der dingen', waaruit alles als voorstelling of idee (vorm) emaneert . Dit was ook het positief antwoord van Schopenhauer aan Kant, die het 'innere der dingen' niet kon kennen ...
---Besluit : Ons volstrekt idealisme leidt ons naar een 'Denken van het denken' -term van Aristoteles -; tot een Super-ego, waarin alles, ook wij, als 'moment-gedachten' 'er zijn' en terug verdwijnen als in één 'groot geheugen' ...
Dit noem ik : "SUPRA-SOLIPSISME" .