De privatisering van God (5)
Sneeuwvlokken!
Het sneeuwt alweer. Laten we dat toeval volgen. We bestuderen de vorm van sneeuwvlokken. Je kunt proberen ze zelf onder een microscoop te bekijken, maar op Wikipedia vind je een paar prachtige afbeeldingen van een wonderlijk verschijnsel van georganiseerd toeval. Het is namelijk absurd dat sneeuwvlokken zesvoudig symmetrisch zijn. Hoe weten de ijskristalletjes links en rechts van een symmetrieas waar zij moeten vastplakken? En dat verschijnsel doet zich zesmaal voor per vlok; alsof er een geheimzinnige mal is die organiseert waar de ijskristallen moeten plaatsnemen om een keurige zesvoudig symmetrische vorm aan te nemen.
Als je uit een zak gevuld met 5 zwarte en 5 witte knikkers willekeurig één voor één een knikker haalt en je hebt er al 9 uitgehaald, dan kun je de kleur van de laatste knikker voorspellen. Toen alle knikkers nog in de zak waren, was het puur toeval dat je bij willekeurige trekking een witte of een zwarte kreeg.
En nu hetzelfde probleem, maar getransponeerd naar dobbelstenen. Als je met een dobbelsteen gooit dan is er altijd een kans van 1 op 6 welk aantal ogen boven komt te liggen. En als je met 6.000.000 dobbelstenen gegooid zou hebben en het zouden perfecte eerlijke dobbelstenen zijn en je hebt 5.999.999 keer gegooid, dan is het laatste aantal ogen dat je zult gooien voorspelbaar. Of niet? Ik heb bij lezingen mathematici met schuim om de mond horen beweren dat altijd het aantal ogen dat boven komt te liggen een kans van 1 op 6 is, of je nu één keer gooit of pakweg 100.000.000 keer. Wat heeft u aan deze gedachte-experimenten? Als u van mening bent dat, hoe vaak u ook gooit, het aantal ogen dat boven komt te liggen een zaak is van 1 op 6, dan bent u eendimensionaal logisch denkend. Laten we zeggen normaal redenerend. Als u denkt dat bij meerdere worpen er uiteindelijk een voorspelbaar aantal ogen boven moet komen, als u maar genoeg geworpen hebt, dan bent u meerdimensionaal denkend. Er is een verhaal van Edgar Allen Poe waarin iemand verschillende apen willekeurig op de toetsen van een schrijfmachine laat slaan en op een dag verschijnen er hele boeken; zelfs een van de schuimbekkende mathematici moest toegeven dat zoiets mogelijk is.
Mijn gedachte achter dit alles is deze. Dat wat we toeval noemen is bezien vanuit een andere dimensie wetmatigheid. We kennen normaal 3 dimensies. 4 als je inziet dat tijd een aparte dimensie is. (In een ruimte kun je heen en weer gaan maar in de tijd niet – terwijl je heen en weer gaat blijft de klok doorlopen.) Er zijn 5 dimensies als je de tijd opgenomen ziet in een ‘bovenliggende’ dimensie.
Het is een wet dat vingerafdrukken op een ingewikkelde toevallige manier alle en altijd van elkaar verschillen. Je kunt er dus op rekenen dat de vingerafdrukken van een pasgeboren baby niet eerder zijn voorgekomen. Toevallig verschillen vingerafdrukken van elkaar maar dat dat het geval is, is op zich dus geen toeval maar wetmatig. Toeval bestaat alleen maar binnen de tijd die lijnvormig is. Maar de tijd zelf bestaat alleen binnen een ruimere mogelijkheid, die iets anders is dan rechtlijnige tijd.
Om het eenvoudig te maken: u verschilt van mij en daarom leest u dit artikel. Als wij identiek aan elkaar waren, zou u niet dit artikel lezen. U zou het alleen kunnen herlezen. Iets bestaat alleen tegen een achtergrond die niét iets is. Een schilderij kan niet in het wilde weg zweven, het moet tegen een muur hangen en daarvan verschillen. Een tafel kan alleen in een kamer staan als de kamer niet samenvalt met de tafel. Een ding bestaat alleen bij de gratie van het feit dat waarin het bestaat, verschilt van het ding. Nu is het duidelijk wat de filosoof Hegel bedoelde toen hij zei: ‘De these (een uitspraak, de zin, het ding) bestaat alleen dankzij de antithese.’ Al wat is, bestaat alleen dankzij het bestaan van iets totaal anders. Tijd en tijdelijkheid bestaan alleen dankzij het bestaan van eeuwigheid. Heidegger werd verpletterd door het inzicht dat alles wat bestaat kan bestaan omdat er ook een groter geheel bestaat en dat is het Niets. Het niets is dus blijkbaar niet een leegte, maar een conglomeraat van mogelijkheden waaruit de gehele schepping is voortgekomen.
Het is van hieruit maar een kleine stap om te beseffen hoe gestoord mensen zijn die goede dingen doen voor God of die weten hoe God denkt en wat God wil. Het minst krankzinnige beeld vind ik de beschrijving van God als een Roe’ach Elohim, een goddelijke wind. God is als de wind, je kunt er gebruik van maken als je weet hoe je moet zeilen. En als je geen gebruik maakt van de wind wordt de wind niet kwaad. En of je nou vloekt of tiert of psalmen zingt voor de wind, je kunt hem niet beïnvloeden.
Mensen hebben geen absoluut vrije wil, zij zijn bijvoorbeeld onderworpen aan natuurwetten. Waarin hebben ze wel een vrije wil? Zij kunnen alleen nee of ja zeggen tegen iets wat er is of wat mogelijk is.
Ieder mens past op zijn plaats zoals het minieme ijskristalletje zijn plaats inneemt in het prachtige symmetrische vormenwerk van een sneeuwkristal. En zoals een pijnboom er altijd uitziet als een pijnboom, en een eik er uitziet als een eik.
Een mens past in een roeping maar vrij van wil als hij is, kan hij weigeren. Ooit bezocht mij een meisje, laten we haar Sylvia noemen. Sylvia leed aan anorexia toen zij mij bezocht. Toen zij daarvan genas wilde ze Hebreeuws studeren en op een dag ging ze naar Israël. Toen ze mij na haar terugkeer bezocht was ze totaal overstuur van wat zij in Palestijnse gebieden had meegemaakt. U moet weten dat Sylvia een heel gevoelig mesje is met een groot rechtvaardigheidsgevoel. Ze vertelde me wat ze gezien had en ik zei: ‘Schrijf er een boek over.’ Dat zou ze doen. Wij bespraken hoe zij het boek zou moeten inrichten, wat er in moest staan. Om redenen die te ver voeren voor dit verhaal heeft zij het boek niet geschreven. Ze kreeg nog wel dromen die door mij uitgelegd werden als ‘het boek moet geschreven worden’. Maar zij schreef het boek niet. Ik raakte in grote verwarring, want er waren zoveel tekens dat het boek geschreven moest worden. Ik kon het niet schrijven want het zou een gek boek zijn geworden dat vol zou staan met ‘en toen zei Sylvia dit en toen zei Sylvia dat’. Ik begon mijn geloof in het bestaan van de menselijke roeping bijna te verliezen tot ik op een dag in een winkel een boek opensloeg waarin alles stond dat Sylvia had moeten schrijven. Het boek was geschreven door Anja Meulenbelt.
Er is een grotere werkelijkheid die ons draagt en die ons voedt. En het behoort tot de menselijke vrijheid daartegen als hij dat wil neen te zeggen. Je wordt er niet voor gestraft, je wordt er niet ziek van en als je op je schreden terugkeert word je ontvangen als een verloren zoon.
Er is een wijze van leven voor ieder van ons waarbij je zeggen kunt ‘zo wil ik het en zo doe ik het.’ Ik ben maar zeer zelden in het leven gelukkig geweest. Misschien een keer of drie hooguit maar wat ik heb gedaan daar sta ik nog altijd achter en dat geeft me een gevoel van vanzelfsprekendheid; tevredenheid; bijna geluk.
Ik moest wel zoveel ellende meemaken dat ik ontdekte dat bidden niet helpt (ik heb wel een uitzondering gevonden die ik u graag t.z.t. zal verraden), dat God zoals de kerken ons willen laten geloven niet bestaat en lid zijn van een kerk of sekte je verwijdert van je eigen en privé godsbeeld en ik moest het denken overwinnen dat ik gehallucineerd had en dus ernstig ziek moest zijn.
De algemene God van de kerken is dood – morsdood. Maar er is een andere God. Een Roe’ach Elohim. Ieder van ons leeft naar zijn eigen wil en welbehagen. Als je leeft volgens je roeping krijg je de wind in de zeilen – maar of je er gelukkig mee wordt? ;-)
Ik had het net over hallucinaties. Er bestaat een hallucinatie die kennelijk algemeen menselijk is. Volgende keer graag!
Ronald Pino
Voor een eventuele nadere kennismaking met de auteur zie www.ronaldpino.blogspot.com
Het sneeuwt alweer. Laten we dat toeval volgen. We bestuderen de vorm van sneeuwvlokken. Je kunt proberen ze zelf onder een microscoop te bekijken, maar op Wikipedia vind je een paar prachtige afbeeldingen van een wonderlijk verschijnsel van georganiseerd toeval. Het is namelijk absurd dat sneeuwvlokken zesvoudig symmetrisch zijn. Hoe weten de ijskristalletjes links en rechts van een symmetrieas waar zij moeten vastplakken? En dat verschijnsel doet zich zesmaal voor per vlok; alsof er een geheimzinnige mal is die organiseert waar de ijskristallen moeten plaatsnemen om een keurige zesvoudig symmetrische vorm aan te nemen.
Als je uit een zak gevuld met 5 zwarte en 5 witte knikkers willekeurig één voor één een knikker haalt en je hebt er al 9 uitgehaald, dan kun je de kleur van de laatste knikker voorspellen. Toen alle knikkers nog in de zak waren, was het puur toeval dat je bij willekeurige trekking een witte of een zwarte kreeg.
En nu hetzelfde probleem, maar getransponeerd naar dobbelstenen. Als je met een dobbelsteen gooit dan is er altijd een kans van 1 op 6 welk aantal ogen boven komt te liggen. En als je met 6.000.000 dobbelstenen gegooid zou hebben en het zouden perfecte eerlijke dobbelstenen zijn en je hebt 5.999.999 keer gegooid, dan is het laatste aantal ogen dat je zult gooien voorspelbaar. Of niet? Ik heb bij lezingen mathematici met schuim om de mond horen beweren dat altijd het aantal ogen dat boven komt te liggen een kans van 1 op 6 is, of je nu één keer gooit of pakweg 100.000.000 keer. Wat heeft u aan deze gedachte-experimenten? Als u van mening bent dat, hoe vaak u ook gooit, het aantal ogen dat boven komt te liggen een zaak is van 1 op 6, dan bent u eendimensionaal logisch denkend. Laten we zeggen normaal redenerend. Als u denkt dat bij meerdere worpen er uiteindelijk een voorspelbaar aantal ogen boven moet komen, als u maar genoeg geworpen hebt, dan bent u meerdimensionaal denkend. Er is een verhaal van Edgar Allen Poe waarin iemand verschillende apen willekeurig op de toetsen van een schrijfmachine laat slaan en op een dag verschijnen er hele boeken; zelfs een van de schuimbekkende mathematici moest toegeven dat zoiets mogelijk is.
Mijn gedachte achter dit alles is deze. Dat wat we toeval noemen is bezien vanuit een andere dimensie wetmatigheid. We kennen normaal 3 dimensies. 4 als je inziet dat tijd een aparte dimensie is. (In een ruimte kun je heen en weer gaan maar in de tijd niet – terwijl je heen en weer gaat blijft de klok doorlopen.) Er zijn 5 dimensies als je de tijd opgenomen ziet in een ‘bovenliggende’ dimensie.
Het is een wet dat vingerafdrukken op een ingewikkelde toevallige manier alle en altijd van elkaar verschillen. Je kunt er dus op rekenen dat de vingerafdrukken van een pasgeboren baby niet eerder zijn voorgekomen. Toevallig verschillen vingerafdrukken van elkaar maar dat dat het geval is, is op zich dus geen toeval maar wetmatig. Toeval bestaat alleen maar binnen de tijd die lijnvormig is. Maar de tijd zelf bestaat alleen binnen een ruimere mogelijkheid, die iets anders is dan rechtlijnige tijd.
Om het eenvoudig te maken: u verschilt van mij en daarom leest u dit artikel. Als wij identiek aan elkaar waren, zou u niet dit artikel lezen. U zou het alleen kunnen herlezen. Iets bestaat alleen tegen een achtergrond die niét iets is. Een schilderij kan niet in het wilde weg zweven, het moet tegen een muur hangen en daarvan verschillen. Een tafel kan alleen in een kamer staan als de kamer niet samenvalt met de tafel. Een ding bestaat alleen bij de gratie van het feit dat waarin het bestaat, verschilt van het ding. Nu is het duidelijk wat de filosoof Hegel bedoelde toen hij zei: ‘De these (een uitspraak, de zin, het ding) bestaat alleen dankzij de antithese.’ Al wat is, bestaat alleen dankzij het bestaan van iets totaal anders. Tijd en tijdelijkheid bestaan alleen dankzij het bestaan van eeuwigheid. Heidegger werd verpletterd door het inzicht dat alles wat bestaat kan bestaan omdat er ook een groter geheel bestaat en dat is het Niets. Het niets is dus blijkbaar niet een leegte, maar een conglomeraat van mogelijkheden waaruit de gehele schepping is voortgekomen.
Het is van hieruit maar een kleine stap om te beseffen hoe gestoord mensen zijn die goede dingen doen voor God of die weten hoe God denkt en wat God wil. Het minst krankzinnige beeld vind ik de beschrijving van God als een Roe’ach Elohim, een goddelijke wind. God is als de wind, je kunt er gebruik van maken als je weet hoe je moet zeilen. En als je geen gebruik maakt van de wind wordt de wind niet kwaad. En of je nou vloekt of tiert of psalmen zingt voor de wind, je kunt hem niet beïnvloeden.
Mensen hebben geen absoluut vrije wil, zij zijn bijvoorbeeld onderworpen aan natuurwetten. Waarin hebben ze wel een vrije wil? Zij kunnen alleen nee of ja zeggen tegen iets wat er is of wat mogelijk is.
Ieder mens past op zijn plaats zoals het minieme ijskristalletje zijn plaats inneemt in het prachtige symmetrische vormenwerk van een sneeuwkristal. En zoals een pijnboom er altijd uitziet als een pijnboom, en een eik er uitziet als een eik.
Een mens past in een roeping maar vrij van wil als hij is, kan hij weigeren. Ooit bezocht mij een meisje, laten we haar Sylvia noemen. Sylvia leed aan anorexia toen zij mij bezocht. Toen zij daarvan genas wilde ze Hebreeuws studeren en op een dag ging ze naar Israël. Toen ze mij na haar terugkeer bezocht was ze totaal overstuur van wat zij in Palestijnse gebieden had meegemaakt. U moet weten dat Sylvia een heel gevoelig mesje is met een groot rechtvaardigheidsgevoel. Ze vertelde me wat ze gezien had en ik zei: ‘Schrijf er een boek over.’ Dat zou ze doen. Wij bespraken hoe zij het boek zou moeten inrichten, wat er in moest staan. Om redenen die te ver voeren voor dit verhaal heeft zij het boek niet geschreven. Ze kreeg nog wel dromen die door mij uitgelegd werden als ‘het boek moet geschreven worden’. Maar zij schreef het boek niet. Ik raakte in grote verwarring, want er waren zoveel tekens dat het boek geschreven moest worden. Ik kon het niet schrijven want het zou een gek boek zijn geworden dat vol zou staan met ‘en toen zei Sylvia dit en toen zei Sylvia dat’. Ik begon mijn geloof in het bestaan van de menselijke roeping bijna te verliezen tot ik op een dag in een winkel een boek opensloeg waarin alles stond dat Sylvia had moeten schrijven. Het boek was geschreven door Anja Meulenbelt.
Er is een grotere werkelijkheid die ons draagt en die ons voedt. En het behoort tot de menselijke vrijheid daartegen als hij dat wil neen te zeggen. Je wordt er niet voor gestraft, je wordt er niet ziek van en als je op je schreden terugkeert word je ontvangen als een verloren zoon.
Er is een wijze van leven voor ieder van ons waarbij je zeggen kunt ‘zo wil ik het en zo doe ik het.’ Ik ben maar zeer zelden in het leven gelukkig geweest. Misschien een keer of drie hooguit maar wat ik heb gedaan daar sta ik nog altijd achter en dat geeft me een gevoel van vanzelfsprekendheid; tevredenheid; bijna geluk.
Ik moest wel zoveel ellende meemaken dat ik ontdekte dat bidden niet helpt (ik heb wel een uitzondering gevonden die ik u graag t.z.t. zal verraden), dat God zoals de kerken ons willen laten geloven niet bestaat en lid zijn van een kerk of sekte je verwijdert van je eigen en privé godsbeeld en ik moest het denken overwinnen dat ik gehallucineerd had en dus ernstig ziek moest zijn.
De algemene God van de kerken is dood – morsdood. Maar er is een andere God. Een Roe’ach Elohim. Ieder van ons leeft naar zijn eigen wil en welbehagen. Als je leeft volgens je roeping krijg je de wind in de zeilen – maar of je er gelukkig mee wordt? ;-)
Ik had het net over hallucinaties. Er bestaat een hallucinatie die kennelijk algemeen menselijk is. Volgende keer graag!
Ronald Pino
Voor een eventuele nadere kennismaking met de auteur zie www.ronaldpino.blogspot.com
-
Geplaatst:over 3 jaren geleden, populair sinds over 3 jaren (in 19 uur)
-
Door:
-
Categorie:
-
-
Discussie:
Reageren op dit artikel? Log in of registreer jezelf
Waarom eKudos gebruiken
- Deel en ontdek nieuws, video’s, foto’s en tips
- Schrijf en plaats nieuws dat jij belangrijk vindt
- Start een vriendennetwerk
- Stem! Op ekudos is heel Nederland de redactie
- Geef je mening en start discussies
- Volg het nieuws van vrienden en bekenden
- Start een weblog met gelijk een groot publiek
- Ontdek het leukste en beste nieuws van het web

Het zou dr ongeveer zo uit zien.
Je krijgt steeds de zelfde herhalingen met één zelfde patroon.
Ik vind die vergelijking met god als de wind wel erg mooi.
A (en ten eerste) je hebt niet op een typmachine getypt en B volgens mij ben je geen typende aap! Maar alle gekheid op een stokje. Over het onderwerp valt geweldig te discussieren en ik heb juist aan mijn vrouw uitgelegd (ik weet niet of ik dat met succes heb gedaan) dat het om de begrensheid van ons denken gaat. En niet om de feitelijkheid. We zullen nooit de proef op de som kunnen nemen. Niet met de schrijvende apen en niet met de dobbelstenen.
Verder handdruk graag aangenomen.
Ik heb, volgens mij hier ergens op de site, filmpjes gezien waarbij water, zand of wat dan ook geometrische vormen aanneemt als reactie op frequenties. Maar dan nog; wat is de oorsprong van deze frequenties?
Wat ik in m'n hoofd heb is zand, zout of water op een blad dat op een speaker oid ligt. Door het geluid begint het te bewegen en springt van patroon naar patroon.
Nee dat filmpje van mij komt uit "What the bleep do we know?" Maar volgens mij is dat net zoiets als the secret alleen ik heb die nog nooit gezien.
Ik citeer je: "Er is een wijze van leven voor ieder van ons waarbij je zeggen kunt ‘zo wil ik het en zo doe ik het.’ Ik ben maar zeer zelden in het leven gelukkig geweest. Misschien een keer of drie hooguit maar wat ik heb gedaan daar sta ik nog altijd achter en dat geeft me een gevoel van vanzelfsprekendheid; tevredenheid; bijna geluk."
Wanneer je niet altijd gelukkig bent geweest, maar toch achter de dingen staat die je hebt gedaan en die je doet, kan dat misschien een extra impuls zijn om je toch helemaal gelukkig te voelen? Wie weet?
In deze reactie wil ik ook graag gebruik maken van de gelegenheid om terug te vallen op een eerdere discussie die ik met Ronald voerde, namelijk over kunstenaars en de maatschappij.
Ik heb deze discussie toen niet goed gevoerd. Ik beperkte me niet tot de inhoudelijke kanten van het artikel waarmee ik het op een aantal punten niet eens was.
Zo zei ik in het begin bijvoorbeeld dat als ik het ergens in het artikel niet mee eens zou zijn, de heer Pino waarschijnlijk boos zou worden. Dat was natuurlijk helemaal verkeerd van mij. Zoiets is politiek redeneren, maar kan ik niet doen in de communicatie met een medelid van eKudos.
Ik voelde me niet goed over de houding die ik in de discussie had ingenomen. Enige tijd gelden heb ik hierover dan ook contact met Ronald opgenomen en daarvoor mijn verontschuldigingen aangeboden.
Ronald heeft deze verontschuldigingen royaal aanvaard. Op zijn beurt bood hij mij zijn vriendschap aan. En die vriendschap heb ik warm in mijn hart gesloten.
Ik plaats deze reactie hier ook openbaar om aan de andere leden en gebruikers van eKudos kenbaar te maken dat ik deze discussie niet goed voerde.
Ronald en ik kwamen toen tot de conclusie dat we beiden onrechtvaardigheid aan de kaak willen stellen en dat we elkaar daarbij juist goed kunnen ondersteunen.
Dit wilde ik ook graag kenbaar maken aan de andere leden en bezoekers van eKudos.
Bij het dobbelen is er inderdaad altijd een kans van 1 op 6 hoe vaak je ook gooit. Het een heeft niets te maken met het ander. Water ordent zich als zeshoek, omdat het niet anders kan. bij een dobbelsteen blijft chaos regeren a.h.w.
Wat betreft de vrije wil: als ik van twee hoog uit een raam spring, ja dan heb je gelijk, de zwaartekracht is een onverbiddelijk meester(es). Voor de rest bepaal ik zelf wat ik doe, alhoewel je natuurlijk wel reageert op de omstandigheden in je omgeving.
Die grotere werkelijkheid die ons draagt en voed? Ik vind dat je je hier zelf behoorlijk tegenspreekt. Als ik zelf niet eet, wordt ik beslist niet door "iets" gevoed, hooguit in een ziekenhuis na een (gedwongen) opname. dat zou nou juist tegen alle natuurwetten ingaan. Het zou wel kunnen zijn dat ik, na mijn dan onvermijdelijke dood, juist anderen voed. Dat is wel een natuurwet: De een z'n dood is de ander z'n brood. Je hele verhaal toont eigenlijk eerder het niet bestaan van een "goddelijke" kracht aan, dan dat het dat wel doet. Als je dan toch met alle geweld iets goddelijks wil blijven vereren, richt dan je focus eerder op de zon in plaats van de wind. Als je gaat redeneren, zul je merken dat bijna alle definieties die aan god worden toegeschreven, ook toepasbaar zijn op de zon. En..... de zon veroorzaakt de wind.
Mooi geriposteerd. @robbielab heeft weinig op met "zweefkezen", heeft de ervaring mij geleerd.
‘Beauty is in the eye of the beholder (Hungerford)’ - niet vergeten dat mensen nooit langs zichzelf kunnen kijken.
Volgens mij maak je een aantal denkfouten.
Hinderlijk in je betoog - vind ik - is je heen en weer springen van letterlijk naar figuurlijk. Verder is sinds Freud – dus laten we zeggen sinds 1890 – algemeen aanvaard dat mensen niet alleen maar rationeel leven en redeneren. Voor zover je ervan uitgaat dat je logisch redeneert zou ik aantal voorbeelden willen geven van laten we zeggen zwak doordachte logisch bedoelde interferenties. Ik zal wat voorbeelden geven.
Voorbeeld van het door elkaar halen van letterlijk en figuurlijk:
De uitdrukking ‘de werkelijkheid draagt ons en voedt ons’ kan alleen maar overdrachtelijke betekenis hebben want de werkelijkheid is geen tiet en geen broodje gezond. Bedoeld is dat de werkelijkheid een onmisbaar aspect, ingrediënt, bouwsteen is van het gezonde menselijk leven. Als men zegt ‘menslijk leven’ bedoelt men (en ik doe dat ook) altijd het gezonde normale menselijke leven. Dus in het normale leven kunnen we niet buiten werkelijkheid.
Voorbeeld van niet doordenken van je kritiek:
Over de symmetrie sneeuwkristallen.
Zeshoeken kunnen ook in een zigzag een lange keten vormen. Jij verklaart niet waarom er in sneeuwkristallen symmetrie heerst. Hoe kristallen er ook uitzien, dat verklaart niet waarom ze symmetrisch gestapeld/geplakt/aaneengevroren zijn.
Ik heb - dacht ik - duidelijk gesteld dat de vrije wil alleen bestaat uit neen kunnen/mogen zeggen of kiezen. Bestaat er een vrije wil? Volgens Schopenhauer niet. Maar ook met basale kennis van de chemische samenstelling van het menselijke lichaam kom je in conflict met het bestaan van een vrije wil. Als de vrije wil zou bestaan dan zou er ergens vrije wilsbeschikking moeten bestaan in het menselijke lichaam. Voor zover ik weet, is dat lijf in hoofdzaak uit koolstofatomen opgebouwd en atomen reageren altijd wetmatig. Waar begint dan de vrije wil in dat wetmatig reagerende milieu? Of is de vrije wil een esoterisch zwevende entiteit die niets met de chemie van het lichaam te maken heeft? Er is wel willen maar dat kan altijd teruggevoerd worden op hormonen, maagzuur, insuline en weet ik veel.
De mens heeft alleen in onbelangrijke zaken een vrije wil. Wil je wel of geen suiker in je koffie; wil ik wel of niet een paraplu meenemen – in zulke zaken zal er wel sprake zijn van een vrije wil al begint die al te struikelen als er geen suiker en geen paraplu aanwezig is.
Voor grote zaken die het leven betreffen geldt (althans daarop heb ik in mijn 50 jarige praktijk geen uitzondering gevonden) dat wat je echt wilt je blijft achtervolgen. Als je echt ooit een Rolls Royce wilt rijden, kun je misschien met een Volkswagen genoegen nemen maar je droom blijft onaangetast.
Verder is het zo dat bij mijn voorbeeld van hoe dobbelstenen vallen niet het vallen van de ogen een rol speelt maar wel de constatering van eendimensionaal en multidimensioneel DENKEN – het ging over de vrijheid van denken of het aantal vrijheidsgraden bij het denken. Jij denkt normaal (zo heb ik dat genoemd) maar je mist de vrijheid een dimensie verder te kijken als je niet verder komt dan ‘de kans is altijd 1 op 6’. Daar is niets tegen maar die eendimensionaliteit – die beperkte speelruimte van je vrijheid – maakt dat je daarbuiten (buiten je beperkte denkruimte) alleen maar gezweef KUNT zien.
Wat het beeld van de zon betreft verval je in een al eerder gememoreerde denkfout: je gooit beeld (voorbeeld, paradigma, allegorie, ‘bij wijze van spreken’), en feit door elkaar. De zon (als natuurverschijnsel, als hemellichaam) veroorzaakt de wind (zolang er lucht is – op de maan veroorzaakt hij geen wind zoals op aarde) maar het beeld (de dichterlijke uitbeelding) van God als wind of zoals de oudtestamentische schrijver het noemt Roe’ach Elohim heeft niets met de zon als hemellichaam te maken.
Gelovigen en ongelovigen weten dat God niet uit te beelden is en dus heb je een beeld, een allegorie, een dichterlijke uitdrukking nodig. Ik ga in een volgende artikel het summum van esoterisch gezweef onder de loep nemen: Maria – die van Ave Maria gratia plena…. ;-)
Voor robvandam neem ik mijn pet af! Dat is heel eenvoudig gezegd wat ik aan warmte en respect voel opkomen voor zijn ruiterlijke geste en wat ik ook in een privé bericht al heb kenbaar gemaakt. Ere wie ere toekomt. Alleen de werkelijk groten van geest kunnen op deze wijze hun excuses aanbieden; kleinzielige mensen brengen het niet op welgemeend sorry te zeggen en zijn altijd bang hun gezicht te verliezen. Respect! En vriendschap ;-) graag!